Past perfect of past perfect continuous? Het verschil uitgelegd
Wanneer zeg je had worked en wanneer had been working? De regel in één tabel, de vier situaties waarin je kiest, hoe je ‘ik wachtte al een uur’ vertaalt, het verschil met past simple en past continuous, en oefeningen met antwoorden.

De past perfect (had + voltooid deelwoord: had painted) en de past perfect continuous (had been + -ing: had been painting) kijken allebei terug vanaf een moment in het verleden. Het verschil zit in de vraag die je beantwoordt. De past perfect zegt wat er op dat moment al klaar was, of hoeveel iemand had gedaan: By ten o'clock she had written three emails. De past perfect continuous zegt hoe lang iemand al bezig was, of welke activiteit een situatie verklaart: By ten o'clock she had been writing emails for two hours. Her eyes were red: she had been crying. Voor Nederlandstaligen is dat lastig, omdat het Nederlands beide vaak gewoon met ‘had … gedaan’ vertaalt, of met ‘was al … aan het’. Hieronder vind je een tijdlijn, de vier situaties waarin je moet kiezen, hoe je typisch Nederlandse zinnen omzet, het verschil met de past simple en de past continuous, en vier oefeningen met antwoorden.
1.Het verschil in één tabel
| Past perfect | Past perfect continuous | |
|---|---|---|
| Vorm | had + voltooid deelwoord | had been + werkwoord + -ing |
| Nadruk | het resultaat: iets was af | de activiteit: iemand was bezig |
| Vraag die je beantwoordt | Wat was er al gebeurd? Hoeveel? Hoe vaak? | Hoe lang al? Waarmee was iemand bezig? |
| Typische woorden | already, just, never, by then, three times, twenty pages | for two hours, since nine o'clock, all day, how long |
| Voorbeeld | I had read two chapters when the lights went out. (Ik had twee hoofdstukken gelezen toen het licht uitviel.) | I had been reading for an hour when the lights went out. (Ik zat al een uur te lezen toen het licht uitviel.) |
In Nederlandse schoolboeken heet de past perfect ook wel de voltooid verleden tijd (vvt). Voor de past perfect continuous heeft het Nederlands geen eigen tijd. Daarom moet je bij elke Nederlandse ‘had … gedaan’-zin zelf beslissen welke van de twee je in het Engels nodig hebt.
Zo bouw je de twee vormen
Had blijft bij elk onderwerp hetzelfde: I had, she had, they had. In gesprekken en berichtjes wordt het vaak kort: I'd, she'd, they'd.
| Past perfect | Past perfect continuous | |
|---|---|---|
| + bevestigend | They had finished. | They had been working. |
| – ontkennend | They hadn't finished. | They hadn't been working. |
| ? vragend | Had they finished? | Had they been working? / How long had they been working? |
Bij de continuous heb je altijd drie delen nodig: had, been en de -ing-vorm. She had working en She had been work zijn allebei fout. De volledige uitleg per tijd, met video's en oefeningen met audio, staat op de pagina's had + voltooid deelwoord: de past perfect met uitleg in het Nederlands en had been + -ing: uitleg en oefeningen bij de past perfect continuous.
2.Vier situaties waarin je moet kiezen
1. Klaar of nog bezig?
De past perfect zegt dat iets af was op het moment waar je over vertelt. De past perfect continuous zegt dat iemand ermee bezig was. Of het af was, laat je dan open.
- When I got home, Sara had painted the kitchen. De keuken was klaar.
- When I got home, Sara had been painting the kitchen. Ze was ermee bezig geweest: er stonden nog verfpotten, misschien was het nog niet af.
Nog een paar paren:
- The builders had repaired the roof before the storm. (Het dak was gerepareerd: klaar.)
- The builders had been repairing the roof when the storm started. (Ze waren nog aan het werk toen de storm begon.)
- I had read the book, so I knew the ending. (Ik had het boek uit.)
- I had been reading the book on the train, so I knew the first part. (Ik was erin bezig, nog niet uit.)
2. Hoeveel of hoe lang?
Dit is de handigste toets. Zeg je hoeveel of hoe vaak (een getal, een aantal dingen), dan gebruik je de past perfect. Zeg je hoe lang (een tijdsduur), dan gebruik je meestal de past perfect continuous.
- By lunchtime Tom had answered forty emails. (hoeveel: veertig)
- By lunchtime Tom had been answering emails for three hours. (hoe lang: drie uur)
- She had called me five times before I picked up. (hoe vaak: vijf keer)
- She had been calling me all morning. (hoe lang: de hele ochtend)
Fout is dus: ✗ Tom had been answering forty emails. Een aantal dat af is, past niet bij de nadruk op ‘bezig zijn’.
3. Een zichtbaar gevolg: waarom was iets zo?
Met de past perfect continuous verklaar je hoe een situatie in het verleden eruitzag: je ziet de sporen van een activiteit die net daarvoor bezig was.
- The ground was wet. It had been raining. (De grond was nat. Het had geregend.)
- Her eyes were red. She had been crying. (Haar ogen waren rood. Ze had gehuild.)
- He was out of breath because he had been running. (Hij was buiten adem omdat hij had gerend.)
- The kitchen smelled of garlic. Someone had been cooking.
Is de oorzaak één afgeronde gebeurtenis, en niet een activiteit die een tijdje duurde, dan is het de past perfect:
- The road was closed because a tree had fallen. (Een boom omvallen duurt geen uren.)
- I couldn't get in. I had lost my keys.
4. Tijdelijk of blijvend?
De continuous klinkt tijdelijk, de gewone past perfect klinkt blijvender:
- She had always lived with her parents. (Zo was het altijd geweest.)
- She had been living with her parents for a few months. (Een tijdelijke oplossing, bijvoorbeeld tot ze een eigen huis had.)
Bij werkwoorden als live, work, study en teach met for of since zijn vaak allebei goed, met maar een klein verschil in nadruk: When I met her, I had lived / had been living in Ghent for ten years. Kies je op een toets en twijfel je, dan is de continuous bij een tijdsduur de veilige keuze.
3.Werkwoorden die geen continuous krijgen
Sommige werkwoorden beschrijven geen activiteit, maar een toestand: wat je weet, vindt, voelt, hebt of waarneemt. Die toestandswerkwoorden (state verbs) krijgen ook bij een tijdsduur de gewone past perfect:
| Fout | Goed | Nederlands |
|---|---|---|
| We had known each other for years. | We kenden elkaar al jaren. | |
| I had believed his story. | Ik had zijn verhaal geloofd. | |
| The house had belonged to my grandad. | Het huis was van mijn opa geweest. |
Andere werkwoorden van dit soort: understand, like, love, hate, need, own, seem, en hear, see, smell en taste als je ze gebruikt voor waarnemen. Meer voorbeelden vind je bij de werkwoorden die je niet in de -ing-vorm zet.
Twee dingen om op te letten:
- Have in de betekenis ‘bezitten, hebben’ is ook een toestandswerkwoord. Dan krijg je twee keer had, en dat is gewoon goed: I had had my bike for six years when it was stolen. (Ik had mijn fiets al zes jaar toen hij werd gestolen.) De eerste had is het hulpwerkwoord, de tweede het voltooid deelwoord van have. Betekent have een activiteit, zoals in have a party of have lunch, dan mag de continuous wel: We had been having lunch for ten minutes when the alarm went off.
- Gaat het om één gebeurtenis op één moment, met werkwoorden als start, stop, arrive, find, break en die, dan gebruik je ook geen continuous: ✗ The film had been starting. ✓ The film had started. Gebeurde het steeds opnieuw, dan mag de continuous wel: Guests had been arriving all evening. (Er kwamen de hele avond gasten binnen.) Zo werkt ook She had been calling me all morning hierboven.
4.Zo zet je Nederlandse zinnen om
De meeste fouten ontstaan niet bij de regel, maar bij het vertalen. Het Nederlands drukt ‘hoe lang al bezig’ op drie manieren uit, en geen enkele lijkt op had been + -ing.
‘Ik wachtte al een uur’ → I had been waiting for an hour
In het Nederlands gebruik je vaak de gewone verleden tijd met al: ‘Ik wachtte al een uur toen de bus eindelijk kwam.’ Vertaal je dat woord voor woord, dan kom je bij I waited of I was waiting. Maar het Engels wil hier de past perfect continuous, omdat je zegt hoe lang iets al duurde tot dat andere moment:
- ✗ I waited for an hour when the bus finally came.
- ✗ I was waiting for an hour when the bus finally came.
- ✓ I had been waiting for an hour when the bus finally came.
Zo ook: ‘Hij werkte al twintig jaar bij de bank toen hij ontslagen werd.’ → He had been working at the bank for twenty years when he was made redundant. (Amerikaans: when he was laid off.)
Het is dezelfde valkuil als in de tegenwoordige tijd: ‘Ik woon hier al vijf jaar’ wordt I have been living here for five years, niet I live here for five years. Dat werkt precies zoals bij have been + -ing of have + voltooid deelwoord in de tegenwoordige tijd, maar dan één stap verder terug in de tijd.
‘Ze zat al een uur te gamen’ → She had been gaming for an hour
Met ‘zitten / staan / liggen te’ of ‘aan het … zijn’ zeg je in het Nederlands dat iemand bezig was. Staat er een tijdsduur bij en volgt er een ander moment, dan is dat in het Engels de past perfect continuous:
- ‘Ze zat al een uur te gamen toen haar vader binnenkwam.’ → She had been gaming for an hour when her dad came in.
- ‘We stonden al twintig minuten te wachten toen de deur openging.’ → We had been waiting for twenty minutes when the door opened.
- ‘Ze waren al de hele dag aan het verhuizen.’ → They had been moving house all day.
Zonder tijdsduur en zonder ‘al’ beschrijf je alleen wat er op dat moment aan de gang was. Dan is het de past continuous: ‘Ze zat te gamen toen haar vader binnenkwam.’ → She was gaming when her dad came in.
‘Ik had de hele dag gewerkt’: welke van de twee?
De Nederlandse voltooid verleden tijd past bij allebei. Stel jezelf de vraag uit de tabel: gaat het om het resultaat of om de activiteit en hoe lang die duurde?
| Nederlands | Engels | Waarom |
|---|---|---|
| Ik had drie hoofdstukken gelezen. | I had read three chapters. | hoeveel: resultaat |
| Ik had de hele avond gelezen. | I had been reading all evening. | hoe lang: activiteit |
| Ze had de auto gewassen, dus hij glom. | She had washed the car, so it was shiny. | klaar, resultaat |
| Ze had de auto gewassen, dus ze was kletsnat. | She had been washing the car, so she was soaking wet. | gevolg van de activiteit zelf |
| Ik had hem nooit eerder ontmoet. | I had never met him before. | ervaring, geen duur |
‘Ze was ziek geweest’ → She had been ill (zonder -ing)
Pas op met had been. Staat er geen -ing-vorm achter, dan is het geen continuous, maar gewoon de past perfect van to be: ‘Ze was twee weken ziek geweest.’ → She had been ill for two weeks. (Amerikaans: sick.) ‘Waar was je geweest?’ → Where had you been? Het Nederlandse ‘was … geweest’ wordt dus had been, met had en niet met was: ✗ She was been ill.
5.Past simple, past continuous, past perfect of past perfect continuous?
Het Engels heeft vier tijden voor het verleden. In één verhaal over hetzelfde moment, ‘toen ik om zes uur thuiskwam’, zie je meteen wat elke tijd doet:
| Tijd | Voorbeeld | Wat het zegt |
|---|---|---|
| Past simple | I got home at six. | wat er gebeurde, afgerond: het moment zelf |
| Past continuous | My brother was cooking. | wat er op dat moment aan de gang was |
| Past perfect | He had already burnt the rice. | wat er vóór dat moment al gebeurd was |
| Past perfect continuous | He had been cooking for an hour. | hoe lang hij vóór dat moment al bezig was |
Samen: When I got home at six, my brother was cooking. He had been cooking for an hour, and he had already burnt the rice.
Je hebt de past perfect niet altijd nodig. Vertel je dingen in de volgorde waarin ze gebeurden, of maken after en before de volgorde al duidelijk, dan is de past simple vaak genoeg: After she finished her homework, she went out. (Ook goed: After she had finished …) Het verschil tussen de twee eenvoudigere tijden lees je bij past simple of past continuous: was het bezig of afgerond?, en de -ing-vorm in het verleden bij was / were + -ing: de past continuous.
6.Typische fouten
| Fout | Goed | Waarom |
|---|---|---|
| I had been reading three books. | I had read three books. | een aantal: resultaat, dus past perfect |
| We had been knowing each other for years. | We had known each other for years. | know is een toestandswerkwoord |
| I was waiting for two hours when the bus came. | I had been waiting for two hours when the bus came. | tijdsduur tot een ander moment |
| He has been working there for years when he left. | He had been working there for years when he left. | has been kijkt terug vanaf nu, had been vanaf een moment in het verleden |
| They had been played tennis. | They had been playing tennis. | na had been volgt de -ing-vorm |
| When I arrived, the film had been starting. | When I arrived, the film had started. | start gebeurt op één moment |
| She was been ill. | She had been ill. | ‘was … geweest’ wordt had been |
| How long did you wait when the doctor came? | How long had you been waiting when the doctor came? | hoe lang al, tot dat moment |
7.Oefeningen: past perfect en past perfect continuous (met antwoorden)
Vier oefeningen met antwoorden om open te klikken: kiezen tussen de twee tijden, hoeveel of hoe lang, vertalen uit het Nederlands en een kort verhaal met alle vier de verleden tijden.
Oefening 1. Past perfect of past perfect continuous?
Zet het werkwoord tussen haakjes in de juiste vorm.
- By the time the taxi arrived, we ___ (wait) for forty minutes.
- When we got to the cinema, the film ___ already ___ (start).
- Her hands were covered in paint. She ___ (paint) the fence.
- By the end of the day, Mila ___ (sell) twenty tickets.
- I ___ (know) Sam for ten years before we started a company together.
- The streets were wet. It ___ (rain) all night.
- How many pages ___ you ___ (read) before you fell asleep?
- He was out of breath because he ___ (run).
- They ___ never ___ (see) snow before they moved to Canada.
- How long ___ she ___ (learn) Spanish before she moved to Madrid?
Antwoorden oefening 1 (klik om te openen)
1: had been waiting (hoe lang: for forty minutes)2: had already started (start gebeurt op één moment)
3: had been painting (zichtbaar gevolg van de activiteit)
4: had sold (hoeveel: twenty tickets)
5: had known (know is een toestandswerkwoord)
6: had been raining (gevolg: de straten waren nat)
7: had you read (hoeveel: how many pages)
8: had been running (gevolg: buiten adem)
9: had never seen (ervaring, geen duur)
10: had she been learning (hoe lang; had she learnt of had she learned is ook mogelijk)
Oefening 2. Hoeveel of hoe lang?
Maak bij elke situatie twee zinnen met By …: één met de past perfect (hoeveel) en één met de past perfect continuous (hoe lang).
- Tom wrote emails from 9 to 12. He wrote fifteen emails. (By lunchtime …)
- Lisa practised the piano from 2 to 6. She played the song ten times. (By six o'clock …)
- We drove from 8 a.m. to 3 p.m. We drove 600 kilometres. (By three o'clock …)
- The kids baked cookies all afternoon. They baked sixty cookies. (By dinner time …)
Antwoorden oefening 2 (klik om te openen)
1: By lunchtime Tom had written fifteen emails. / By lunchtime Tom had been writing emails for three hours.2: By six o'clock Lisa had played the song ten times. / By six o'clock Lisa had been practising the piano for four hours. (Amerikaans: practicing)
3: By three o'clock we had driven 600 kilometres. / By three o'clock we had been driving for seven hours. (Amerikaans: kilometers)
4: By dinner time the kids had baked sixty cookies. / By dinner time the kids had been baking cookies all afternoon.
Oefening 3. Vertaal in het Engels
- Ik wachtte al twintig minuten toen ze eindelijk belde.
- Hij had de hele ochtend in de tuin gewerkt en was doodmoe.
- We hadden het huis al verkocht toen de prijzen stegen.
- Ze zat al een uur te gamen toen haar vader binnenkwam.
- Ik kende hem al jaren.
- Waarom waren je ogen zo rood? Had je gehuild?
- Ze was twee weken ziek geweest.
- Hoe lang woonden jullie al in Utrecht toen jullie dochter werd geboren?
Antwoorden oefening 3 (klik om te openen)
1: I had been waiting for twenty minutes when she finally called. (‘al’ + tijdsduur)2: He had been working in the garden all morning and was exhausted. (gevolg van de activiteit)
3: We had already sold the house when prices went up. (klaar vóór dat moment)
4: She had been gaming for an hour when her dad came in. (Ook goed: playing video games.)
5: I had known him for years. (know: geen -ing)
6: Why were your eyes so red? Had you been crying?
7: She had been ill for two weeks. (Geen -ing: past perfect van to be. Amerikaans: sick.)
8: How long had you been living in Utrecht when your daughter was born? (Ook goed: had you lived.)
Oefening 4. Vier verleden tijden in één verhaal
Kies de past simple, past continuous, past perfect of past perfect continuous.
Last Saturday I (1) ___ (get) to the station at 9:05. My train (2) ___ (leave) five minutes earlier. I (3) ___ (run) all the way from home, so I was out of breath. While I (4) ___ (wait) for the next train, I (5) ___ (meet) an old friend from school. She (6) ___ (stand) on the platform for half an hour, because her train was late too.
Antwoorden oefening 4 (klik om te openen)
1: got (past simple: wat er gebeurde)2: had left (past perfect: al vertrokken vóór 9:05)
3: had been running (past perfect continuous: gevolg, buiten adem; ook goed: had run, omdat all the way from home een afgelegde afstand is)
4: was waiting (past continuous: bezig op dat moment, zonder tijdsduur)
5: met (past simple: korte gebeurtenis tijdens het wachten)
6: had been standing (past perfect continuous: hoe lang al, for half an hour)
8.Hoe ga je verder?
Twijfel je nog, stel dan steeds dezelfde vraag: hoeveel of hoe lang? Een aantal of iets wat af was: had + voltooid deelwoord. Een tijdsduur of een activiteit die sporen achterliet: had been + -ing. Met know, believe, own en andere toestandswerkwoorden blijft het altijd had known, had believed, had owned. Oefen daarna elke tijd apart in de app: interactieve oefeningen met de past perfect continuous en de past perfect oefenen: had + voltooid deelwoord. Wil je zien hoe deze twee tijden tussen de andere passen, bekijk dan het overzicht van alle Engelse tijden. De past perfect kom je ook tegen in if-zinnen over het verleden (If I had known, I would have come): dat is de third conditional, uitgelegd in alle if-zinnen in het Engels op een rij.



