Present Simple vs Present Continuous

Waarheden, routines, handelingen die bezig zijn, toekomstplannen... Present Simple en Present Progressive. Leer ze allebei beheersen en maak je Engels dynamisch en precies!

1.Nu of meestal

1.1Bezig of herhaling en routine

Present Progressive voor dingen die op of rond het moment van spreken gebeuren. De handeling (action) is nog niet af.
Present Simple voor dingen in het algemeen of dingen die zich herhalen.

Present Progressive Present Simple
The water is boiling. Be careful.
Het water kookt. Wees voorzichtig.
Water boils at 100 degrees Celsius.
Water kookt bij 100 graden Celsius.
Listen to those people. What language are they speaking?
Luister naar die mensen. Welke taal spreken ze?
Excuse me, do you speak English?
Pardon, spreek je Engels?
Let's go out. It isn't raining now.
Laten we naar buiten gaan. Het regent nu niet.
It doesn't rain very much in summer.
In de zomer regent het niet zo veel.
I'm getting hungry. Let's have lunch.
Ik krijg honger. Laten we gaan lunchen.
I always get hungry in the afternoon.
Ik krijg 's middags altijd honger.
Jane wants to work in France, so she's learning French.
Jane wil in Frankrijk werken, dus leert ze Frans.
Most people learn to swim when they are children.
De meeste mensen leren zwemmen als ze kind zijn.
The population of the world is increasing very fast.
De wereldbevolking groeit heel snel.
Every day the population of the world increases by about 200,000 people.
Elke dag groeit de wereldbevolking met ongeveer 200.000 mensen.

Test jezelf

Kies tussen Present Simple en Present Progressive.
You can't see Jack right now: he _____ a shower.
Kies tussen Present Simple en Present Progressive.
Hardly anyone _____ a hat nowadays.
Kies tussen Present Simple en Present Progressive.
The last train _____ the station at 11.30.

2.Voorlopig of altijd

2.1Tijdelijk of blijvend

Present Progressive voor tijdelijke situaties (dingen die korte tijd duren).
Present Simple voor blijvende situaties (dingen die lange tijd duren).

Present Progressive Present Simple
I'm living with some friends until I find a place of my own.
Ik woon bij een paar vrienden totdat ik een eigen plek vind.
My parents live in London. They have lived there all their lives.
Mijn ouders wonen in Londen. Ze wonen daar hun hele leven al.
You're working hard today. Yes,Ihave a lot to do.
Je werkt vandaag hard. Ja, ik heb veel te doen.
You aren't lazy. You work hard most of the time.
Je bent niet lui. Je werkt meestal hard.

Test jezelf

Kies tussen Present Simple en Present Progressive.
- I'm afraid I've broken one of your coffee cups. — Don't worry. I _____ that set anyway.
Kies tussen Present Simple en Present Progressive.
I _____ my sunglasses today because the sun is very strong.
Kies tussen Present Simple en Present Progressive.
I _____ at the bank as a financial advisor.

3.Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen de Present Simple en de Present Continuous?

De Present Continuous gebruik je voor wat nu of in deze periode aan de gang is, de Present Simple voor gewoontes, routines en algemene feiten. In het Nederlands kan «⁠ik werk⁠» allebei betekenen en is «⁠ik ben aan het werken⁠» optioneel, maar in het Engels moet je kiezen. Vergelijk «⁠The water is boiling⁠» (kookt nu) met «⁠Water boils at 100 degrees Celsius⁠» (altijd waar), en «⁠What language are they speaking?⁠» (nu) met «⁠Do you speak English?⁠» (in het algemeen).

I live of I'm living, I work of I'm working: Present Simple of Present Continuous?

Beide zijn goed, maar ze betekenen iets anders: de Present Simple gebruik je voor een blijvende situatie, de Present Continuous voor een tijdelijke. «⁠My parents live in London⁠» betekent dat Londen hun vaste woonplaats is. «⁠I'm living with some friends until I find a place of my own⁠» betekent: voorlopig. In het Nederlands klinkt «⁠ik ben aan het wonen⁠» vreemd, dus je zegt «⁠ik woon tijdelijk bij vrienden⁠»; in het Engels zegt de werkwoordsvorm dat al. Zo ook bij werk: «⁠Sarah works in a hospital⁠» (haar baan) en «⁠Sarah is working in a café this summer⁠» (tijdelijk).

Kun je de Present Continuous ook gebruiken voor iets wat in deze periode speelt, en niet alleen voor nu?

Ja, de Present Continuous beschrijft ook handelingen die in deze periode aan de gang zijn, zelfs als ze op het moment van spreken niet gebeuren. «⁠Jane wants to work in France, so she's learning French⁠» klopt ook als Jane slaapt. Zo kun je tijdens de lunch zeggen: «⁠I'm reading a great book⁠». Voor een vaste gewoonte gebruik je de Present Simple: «⁠I read every evening⁠».

What do you do of what are you doing: Present Simple of Present Continuous?

«⁠What do you do?⁠» vraagt naar iemands beroep, «⁠What are you doing?⁠» naar wat iemand nu aan het doen is. De eerste vraag staat in de Present Simple, de tweede in de Present Continuous. In het Nederlands kan «⁠Wat doe je?⁠» allebei betekenen; naar iemands werk vraag je meestal met «⁠Wat doe je voor werk?⁠» Op «⁠What do you do?⁠» antwoord je dus «⁠I'm a nurse⁠» of «⁠I work in a hospital⁠», op «⁠What are you doing?⁠» bijvoorbeeld «⁠I'm cooking dinner⁠». Zo ook: «⁠Where do you work?⁠» (je vaste baan) en «⁠Where are you working this summer?⁠» (alleen voor nu).

Waarom zeg je «⁠They are always complaining⁠» in de Present Continuous?

Met «⁠always⁠» beschrijft de Present Continuous iets wat heel vaak gebeurt, en meestal klinkt er ergernis in door: «⁠They are always complaining⁠». «⁠They always complain⁠» noemt alleen een gewoonte; «⁠They are always complaining⁠» voegt gevoel toe. Dat gevoel kan ook positief zijn: «⁠She's always helping people⁠». Voor een neutrale routine gebruik je de Present Simple: «⁠I always get up at seven⁠».

Klaar om dit onderwerp te oefenen?

Download de app en oefen dit onderwerp als een game — met XP, reeksen en directe feedback.